menu 1
menu 2
menu 3
menu 4
menu 5
menu 6
menu 7

Wat is de Delftse methode?

Mensen uit verschillende landen en culturen, met verschillende opleidingen willen graag snel en goed Nederlands leren. Ze willen dat thuis doen of onder leiding van een docent. Dat kan met de Delftse methode. Bij deze methode staat de gedachte centraal dat een tweede taal leren niet heel ingewikkeld hoeft te zijn; het is alleen veel werk.

Didactische principes

Het `groene boek' Nederlands voor buitenlanders is het bekendste onderdeel van de Delftse methode. Begin jaren tachtig is deze methode door docenten aan de Technische Universiteit Delft ontwikkeld. De methode bleek zeer succesvol: het tekstboek is onlangs voor de derde keer geheel herzien en er zijn verschillende onderdelen voor anderstaligen met een andere vooropleiding aan toegevoegd. De methode kenmerkt zich door eenvoud en overzichtelijkheid en gaat uit van de volgende didactische principes:

· De teksten zijn de kern van de methode; woorden en grammatica worden geleerd via het lezen en beluisteren van de teksten.

· De teksten geven veel informatie over Nederland en gaan over zaken die voor buitenlanders van belang zijn.

· In korte tijd leren de cursisten de meest frequente woorden; zo kunnen ze al snel over allerlei zaken praten.

· De lessen bestaan voor het belangrijkste deel uit conversatietraining op basis van de geleerde tekst(-en).

· Naast de conversatietraining wordt zeer veel aandacht besteed aan luistervaardigheidstraining

· Vanaf het begin wordt alle belangrijke grammatica gebruikt.

· Grammatica wordt 'uitgelegd' met voorbeelden zonder ingewikkelde terminologie.

· Het omvangrijke oefenmateriaal is samenhangend en gevarieerd.

· Alle woorden zijn vertaald in ruim twintig verschillende talen.

· Het materiaal is zeer overzichtelijk zodat cursisten precies weten wat ze moeten leren. Doelgroep De Delftse methode is gemaakt voor volwassenen vanaf 16 jaar. Voor anderstaligen met een lage vooropleiding is er "De Basiscursus" (onderwijstype: BE); voor anderstaligen met enige jaren voortgezet onderwijs is er "Nederlands voor buitenlanders" en her vervolg hierop is "De tweede ronde" (BVE, HBO, WO, zelfstudie). Voor buitenlandse cursisten of leerling-werknemers die een opleiding volgen in de metaalsector is er Metaal, voor de zorgsector is er "De taal van de verpleging".

Meer lezen ...